Interview met… onderzoeker Eveline van Velthuijsen over ouderen en delier

9 September 2015

Duurzame zorg, het is een breed thema. Die breedte is duidelijk zichtbaar in de eerste projecten, waaronder het project van onderzoeker Eveline van Velthuijsen. Wie is zij? Hoe past haar project binnen de Academische Werkplaats Duurzame Zorg? En wat zijn de doelen en uitdagingen in haar project? In het interview lees je er alles over.

Wie ben je, wat is je achtergrond?‘

Mijn naam is Eveline van Velthuijsen. Ik heb neuropsychologie gestudeerd aan de Universiteit Utrecht. Sinds maart 2014 ben ik bezig met mijn promotieonderzoek aan de Universiteit van Maastricht. In mijn vrije tijd doe ik aan roeien, improvisatietheater en klimmen.’

In een notendop, wat ben je aan het onderzoeken?

Mijn onderzoek is gericht op het ontwikkelen van een aanpak die gericht is op het voorkomen, tijdig ontdekken en/of niet medicamenteus behandelen van een delier (ook wel acute verwardheid genoemd) bij oudere ziekenhuispatiënten.

Ongeveer 20% tot 50% van alle 65+ers opgenomen in het ziekenhuis ontwikkelt tijdens de ziekenhuisopname een delier. Patiënten die dit hebben zijn erg verward, weten vaak niet meer waar ze zijn, en kunnen soms een gevaar voor zichzelf en anderen vormen, omdat ze zorg weigeren of zelfs agressief worden.

De gevolgen zijn ook substantieel: mensen blijven doorgaans langer opgenomen in het ziekenhuis, ontwikkelen vaker dementie, worden na ontslag uit het ziekenhuis sneller opgenomen in een verzorgings- of verpleeghuis, en komen eerder te overlijden dan patiënten die geen delier hebben doorgemaakt. Het doormaken van een delier vormt voor zowel patiënten als hun familie dan ook een vervelende ervaring, en brengt ook (onnodig) hoge zorgkosten met zich mee.'

Welke aanpak gebruik je bij je onderzoek?

‘Voor het ontwikkelen van een (nieuwe) aanpak kijken we met het onderzoeksteam naar wat de beste diagnostische instrumenten zijn en hoe patiënten met een delier behandeld worden in het ziekenhuis. Ook hebben we gesprekken met patiënten, mantelzorgers en verpleegkundigen die te maken hebben gehad met een delier om van hun ervaringen te kunnen leren wat er beter zou kunnen. Daarnaast kijken we op kleine schaal of de aanpak (kosten)effectief is.’

Hoe past je onderzoek binnen de Academische Werkplaats Duurzame Zorg? ‘Gepaste zorg op de juiste plaats door de juiste persoon voor de juiste prijs.’

‘Door delier te voorkomen of minder ernstig te maken, en ervoor te zorgen dat patiënten met een delier de juiste zorg ontvangen, kun je de negatieve gevolgen die verbonden zijn aan het hebben van een delier terugdringen. Dit houdt in dat patiënten eerder naar huis kunnen, sneller herstellen en langer thuis kunnen blijven wonen. Dit is voor de patiënten en hun omgeving natuurlijk de best mogelijke uitkomst. Het vermindert bovendien (onnodig) hoge zorgkosten. Dit maakt de zorg voor ouderen beter en duurzamer.’

Wat zijn de uitdagingen in het project?

‘Ouderen met een delier zijn erg kwetsbare mensen en hier moet je tijdens je onderzoek uiteraard rekening mee houden. Daarnaast bestaat het onderzoek uit verschillende onderzoeksmethoden, wat het onderzoek heel uitgebreid en compleet maakt, maar soms ook moeilijk uit te voeren.’

Hoe zijn beleid, praktijk en onderzoek samengebracht in jouw project?

‘Mijn onderzoek is gericht op het ontwikkelen van een aanpak of beleid om delier vroegtijdig op te sporen en waar mogelijk te voorkómen. Dit beleid kan vervolgens in de praktijk worden gebracht binnen de dagelijkse ziekenhuiszorg, wat de ziekenhuiszorg voor ouderen kan verbeteren.’